Categorie: Positieve Psychologie

Zelfcompassie

Het blijkt uit onderzoek (Neff, 2011) dat vriendelijkheid naar jezelf, een belangrijke factor is in het bereiken van meer balans en evenwicht. Dit is belangrijker dan jezelf de maat nemen en kritisch te zijn m.b.t. tot de fouten die je maakt.

 

Gilbert (2009) onderscheidt dat we globaal gezien drie emotieregulatiesystemen hebben.

 

  • Het zelfbeschermingssysteem: “ik ben altijd op mijn hoede”. Dat heeft onmiddellijk te maken met onze overleving en is dus vooral ook gekoppeld aan onze ‘primitieve’ hersenen: hersenstam en limbisch systeem. Het benadrukt met name het gevaar en dat heeft altijd prioriteit. Helaas is het zo dat het bij mensen ook in actie komt bij vermeend gevaar en bij meer symbolische gevaren zoals gekwetst worden, buitengesloten worden. Bij het hebben doorgemaakt van een onveilige jeugd is dit systeem bij mensen meer ontwikkeld en getraind en kan bij een relatieve kleine aanleiding al snel in actie komen.
  • Het jaagsysteem: “rupsje nooit genoeg”. Dit heeft ook te maken met overleven maar ook met tot bloei komen. De belangrijkste drijfveren zijn verlangens en begeerte en dat zijn in principe prettige ‘gevoelens’. Het op jacht gaan naar voedsel, het op ‘jacht’ gaan naar een partner zijn natuurlijk cruciaal voor het voortbestaan van de mens. Dit systeem komt weer tot rust als de behoeftes en verlangens bevredigd zijn. Het jaagsysteem kan je zien als de belangrijkste factor in het ontwikkelen van technologie etc. In de consumptiemaatschappij krijgt dit veel training maar de bevrediging van deze verlangens is meestal van korte duur en er kan een vorm van geagiteerde gedrevenheid ontstaan die onprettig aanvoelt. Dat komt wel overeen met het onttrekkingssyndroom bij verslavingen. Factoren in de jeugd zoals het krijgen van vooral voorwaardelijke liefde trainen dit systeem. In onze huidige maatschappij met relatief veel overvloed is het juist moeilijk om hier goed mee te leren omgaan.
  • Het kalmeringssysteem: “het is goed zoals het is”. Het kalmeringssysteem is van belang voor het herstel. De gevoelens die hiermee gepaard gaan zijn plezierig maar hebben een andere kwaliteit dan die van de bevrediging bij het jaagsysteem of het tot rust komen na de activering van het zelfbeschermingssysteem. Het zijn gevoelens van het hebben van evenwicht, innerlijke rust, welzijn, tevredenheid. t.t. de bovengenoemde systemen spelen vooral de hormonen oxytocine en endorfine een rol hierbij i.p.v. de aanjagers zoals adrenaline.  Dus het kalmeringssysteem activeert vooral het parasympatische zenuwstelsel (of Chinees gezien Yin) en de twee andere systemen vooral het (ortho)sympatisch zenuwstelsel (Chinees Yang).

Het kalmeringssysteem is aan de ene kant belangrijk om niet tot uitputting te geraken (zie Window of Tolerance) maar is met name belangrijk voor het in goede relatie staan met de omgeving, de mensen om je heen, creativiteit en spel. Bij mensen bij wie dit systeem door hun jeugdervaringen minder tot ontwikkeling is gekomen kan dit gelukkig ook getraind worden door actief onze verbeelding en bewuste wil te gebruiken zodat ons vermogen tot zelfcompassie toeneemt.

 

Zelfcompassie kenmerkt zich door het vermogen om jezelf vriendelijk tegemoet te treden, jezelf zorg te geven ook als je geconfronteerd wordt met je tekortkomingen, falen, ziekte, pijn en onplezierige emoties.  Dat je begrijpt dat pijn en ongemak gedeelde menselijke ervaringen zijn. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje en dat je in staat bent om deze houding ook vol te houden wanneer je met onplezierige zaken te maken krijgt (Neff 2011).

Kijk voor oefeningen bij Oefeningen/zelfcompassie